Nimweegs Dictee heeft ‘zilver’ gehaald

Van onze redactie | Foto's: John Vrolijks
18 april 2026

Op vrijdagavond 17 april meldden 150 oudgedienden en nieuwkomers zich in raadszaal van het stadhuis voor de jaarlijkse editie van het Nimweegs Dictee. Met de stemkastjes in de aanslag zaten zij klaar om met elkaar en met zichzelf de strijd aan te gaan over hun kennis van de Nimweegse Taol en Cultuur.

Het was dringen geblazen om mee te mogen doen aan dit unieke evenement. De 150 beschikbare plaatsen waren in een mum van tijd uitverkocht. Gelukkig hanteert de organiserende vereniging de Waoterjokers nog geen voorrondes; ‘Wie het eerst komt, wie het eerst maalt`. Het is weliswaar een wedstrijdje maar het gaat ook om de lol. En met 150 deelnemers zit de hele raadszaal binnen de kortste keren mudvol. Tijdens vergaderingen van de gemeenteraad komt dat uiterst zelden voor.

De eerste editie dateert uit 1998 als een initiatief van de Lions Club Nijmegen, bedoeld om geld in te zamelen voor Nijmeegse goede doelen.

Kartrekkers waren de legendarische Jan Roelofs die het dictee maar liefst 19 jaar schreef en Ronald Migo, de bakkerszoon die wethouder werd. In 2017 stopten ze ermee. In 2019 namen Frans en Ruud Kleinschiphorst het stokje over en hun carnavalsvereniging de Waoterjokers tekende voor de organisatie. Corona gooide helaas twee keer roet in het eten. Als je goed telt kom je dit jaar uit op 26 edities. Zilver is meer dan gehaald. Maar goed, in Nijmegen kijken we niet op een jaartje meer of minder voor het vieren van een jubileum. Het Nimweegs is immers al eeuwenoud.

Schrijven hoeven de deelnemers niet. Een eenduidige schrijfwijze voor het Nijmeegse dialect bestaat er niet. Het gaat om het herkennen van de betekenis van woorden in de context van voorgelezen zinnen.

Daarnaast moet je als deelnemer ook de nodige kennis hebben van de Nijmeegse cultuur en geschiedenis. Voor dit onderdeel tekent sinds jaar en dag Hans Peters van de Stichting Literaire Activiteiten in Nijmegen en directeur van Dekker van de Vegt, nog steeds een hoofdsponsor van het Nimweegs Dictee.

Na de introductie door Ruud Kleinschiphorst heette burgemeester Hubert Bruls als huisheer iedereen van harte welkom. De spelregels zijn veranderd, de vragen over cultuur en geschiedenis tellen dubbel mee en je moet direct een antwoord kiezen. Tijd voor overleg en voorzeggen is er niet meer. Dat gaat van je punten af. Nou zit onze burgemeester nooit verlegen om een snel antwoord, dus hij gaf zichzelf wel de nodige kansen.

Hubert Bruls benadrukte in zijn openingswoord de betekenis van een veranderende taal. ‘Als je je bewust bent van een veranderende taal en je tevens bewust bent van wat er met woorden uit het heden en het verleden echt gezegd werd en wordt, sla je daarmee ook een brug naar de toekomst. De organisatoren van het Nimweegs Dictee, inmiddels wat ouder, slagen daar fris en fier nog altijd in.` Het liedje ‘al mot ik krupe` zong hij in ieder geval foutloos uit volle borst mee.

De deelnemers werden in het dictee meegenomen naar de voorbereidingen voor de minicursus Nimweegs georganiseerd door de Radbouduniversiteit in samenwerking met de Lindenberg.
Frans en Ruud Kleinschiphorst waren betrokken bij de voorbereidingen op de universiteit en schrokken een beetje van alles wat zij daar meemaakten. De conclusie was dat er ondanks alle technische hoogstandjes toch heel wat werd afgeouwehoerd en gelanterfanterd. Op z`n Nimweegs dus.

Taalkundig specialist dr. Cefas van Rossum gaf in de eerste pauze een mini-college over het ontstaan van het Nimweegs dialect. Hij kwam daarbij uit op ‘Geheime talen`, vooral het Bargoens. Het Nimweegs kent heel wat woorden afkomstig uit de wereld van slagers en veehandelaren, het Jiddisch en heel ontwapenend, brabbeltaal van kinderen.   

De Natnekken bezongen op humoristische wijze de woningnood voor de jongeren, de noodzaak voor een eigen dak boven je hoofd en hoe moeilijk dat is. ‘Als het niet lukt kun je nog altijd in Duitsland gaan wonen, maar dan blijf je wel altijd een Duitser’. In hun tweede liedje gingen ze in op de groei van het toerisme, vooral door het aantal cruiseschepen aan de Waalkade. De Waal is toch breder dan de Rijn en de gidsen die je hier de weg wijzen zijn niet aan te slepen. Heeft Arnhem nog wel toekomst? Voordat je het weet zijn wij de ‘hoofdstad van Gelderland’.

De eregast op de avond was ‘Keurel Herrumse’, Karel Hermsen,  die met een ode in het zonnetje werd gezet. Hij is kritische beschrijver van de Nimweegse politiek en het Knotsenburgse carnaval. Dat doet hij als columnist onder de naam Carolus voor Nieuws uit Nijmegen en als ‘stukskesschriever’ in de Nijmeegse Carnavalskrant. ‘Hij het se allemaol ien de sak’.
Hij schreef heel wat buuts en een lessenreeks voor alle klassen van het basisonderwijs: ‘Carnaval in Knotsenburg`. Daarnaast is hij ‘veursitter van niks’ van het oudste dweilorkest van Nijmegen ‘Muziekmakerij de Vôlle Blaôs’ dat dit jaar haar vijftigjarig jubileum viert. Ooit was hij oprichter van de Dolle Mollen, de carnavalsvereniging van de Stedelijke Scholengemeenschap die heel wat jeugdprinsen heeft geleverd. De loftuitingen bleven komen: ‘Ut is nie te beschrieve, wat ie allemaol het gedaon. Wij duun dan oek gin moeite, anders souwe we hier murrege nog staon.’
Het venijn van hun eerbetoon zat in de staart: `Muir’t beste wat hij lêfert, hij is de éénige die da dee, hij schrieft komplete verslaoge, ofer `t Nimweegse diktee.` Waar blijft de rest van de pers?

De conclusie is makkelijk: `Nimweegs mot en sal blieve`.

De winnaars van 2026 zijn:

Eerste prijs en winnaar van de wisseltrofee:
Marijke Giesbertz

Tweede Prijs:
Rick Jacobs

Derde Prijs:
Marcel Claassen


Klik op een foto voor vergrote weergave

Dit bericht delen:

Advertenties