Oktober is de maand van de cyberveiligheid. Dat klinkt als iets voor grote bedrijven met een eigen IT-afdeling, maar dat is allang niet meer zo. Sinds half augustus geldt in Nederland de Cyberbeveiligingswet en tot eind november ligt er subsidie klaar voor kleine ondernemers die hun digitale zaken op orde willen brengen. Of je nu een bakkerij in Lent hebt, een installatiebedrijf in Wijchen of een kantoor aan de Waalkade: dit is een goed moment om er eens kritisch naar te kijken. Drie dingen om dit najaar te regelen.
1. Kijk naar je klanten, niet alleen naar jezelf
Op 15 augustus 2026 is de Cyberbeveiligingswet in werking getreden, de Nederlandse uitwerking van de Europese NIS2-richtlijn. De meeste kleine bedrijven vallen er niet direct onder. Toch ga je er waarschijnlijk wel iets van merken. Organisaties die wel onder de wet vallen, zoals zorginstellingen, energiebedrijven, transporteurs en grotere producenten, moeten namelijk ook de beveiliging van hun leveranciers op orde hebben. Lever je aan een partij die hieronder valt, dan kun je vragenlijsten verwachten over wachtwoorden, back-ups en wie er ingrijpt als er iets misgaat. Wie de vragen met een gerust hart kan beantwoorden, houdt die klant. In een regio met grote werkgevers in zorg, onderwijs en logistiek is dat geen ver-van-je-bed-show.
2. Pak de subsidie zolang het kan
Van 7 september tot en met 30 november 2026 kun je bij RVO subsidie aanvragen via de regeling Mijn Cyberweerbare Zaak. De overheid vergoedt de helft van de kosten van maatregelen zoals een wachtwoordmanager, tweestapsverificatie, een goede back-up of een training voor je personeel, tot maximaal 1.250 euro. De regeling is bedoeld voor zzp'ers en bedrijven met maximaal 50 medewerkers en een jaaromzet tot 10 miljoen euro. Let wel op: het budget is beperkt en wie het eerst komt, het eerst maalt. Dus wacht niet te lang als je vergoeding wilt krijgen en aan de slag gaat met de cyberveiligheid van je bedrijf.
3. Bedenk wie er kijkt als jij slaapt
Een virusscanner en een back-up zijn een goed begin, maar ze vertellen je niet dat iemand om drie uur 's nachts inlogt op het mailaccount van je HR-medewerker. Juist met dat soort stille inbraken begint veel ellende: een nepfactuur die net echt lijkt, of klantgegevens die ongemerkt verdwijnen. Grote bedrijven hebben daar een eigen securityteam voor dat dag en nacht meekijkt. Voor een bedrijf met twintig medewerkers is dat vaak duur en niet realistisch.
Gelukkig kun je die bewaking uitbesteden. Steeds meer ondernemers kiezen daarbij bewust voor een partij uit de buurt. Wie zich verdiept in cybersecurity in Nijmegen, merkt dat dat prettig werkt. Je weet wie je aan de lijn krijgt en bij een incident staat er snel iemand naast je in plaats van aan de andere kant van het land.
Begin klein, maar begin
Je hoeft niet alles in één keer te regelen. Begin met de vragen die je klanten je binnenkort kunnen stellen. Wie heeft toegang tot welke systemen? Hoe snel ben je weer aan het werk na een storing of een hack? En merk je het als er iemand meekijkt die daar niets te zoeken heeft?
Weet je het antwoord niet precies, dan is oktober cybermaand een mooie aanleiding om dat uit te zoeken. Dat kan op eigen houtje, met je IT-beheerder of met hulp van een specialist uit de regio, zoals Peakproteqt in Elst. Peakproteqt brengt in gewone taal in kaart waar je staat en wat je als eerste kunt aanpakken. Combineer je dat met de subsidie, dan heb je voor het eind van het jaar een flinke stap gezet. En dan ben je de vragenlijst van je grootste klant vóór.
